najaarspapier

De Bezige Bij heeft overduidelijk een al te enthousiaste creatief schrijverling de najaarscatalogus laten schrijven. ‘[…] een ontroerend verhaal over een tragische vrouw. […] Een verfijnde roman.’ ‘Zijn grootse nieuwe roman.’ ‘De nieuwe Italiaanse sensatie, een magistrale coming-of-age-roman.’ ‘Tedere vertelling […]’ ‘De langverwachte nieuwe roman van een van de grootste Italiaanse schrijvers.’ ‘Een aangrijpend debuut […].’ ‘De ontroerende geschiedenis van een verscheurde jeugd.’

‘Schitterende historische roman […].’ ‘Een fonkelend autobiografisch schrijversportret.’ ‘Een intens debuut […].’ ‘Een nietsontziend portret […].’ ‘Het beste Amerikaanse debuut sinds tijden.’ ‘Aangrijpende, actuele roman […].’ ‘Ontroerend verhaal van een krachtige verteller.’ ‘Een grootse roman […].’ ‘Openhartige en krachtige memoires […].’ ‘Spannende, actuele roman […].’ (Let op het vermogen tot variatie.) ‘Uitzonderlijke roman over vrouwelijkheid […].’ ‘[…] fenomenale trilogie.’

Soms wordt schrijven met klaroengeschal verwisseld.

Maar dat mag ons niet afleiden van de essentie. Anneke Brassinga heeft met ‘Ontij’ eindelijk weer een nieuwe bundel. Ook Martin Reints komt met nieuw werk, met een voor hem zeer typerende titel ‘Lopende zaken’. Paul Claes exploreert voor de eerste maal in zijn oeuvre de muziek. ‘De leeuwerik’ is een ridderroman die zich in de late Middeleeuwen afspeelt. Bij Athenaeum verschijnt van hem ook ‘De tuin van de Franse poëzie: een canon in 100 gedichten’.

Jan Lauwereyns schrijft in 2011 het gedichtendagessay. ‘De smaak van het geluid van het hart’ is de titel en hij stelt het hart, het voelen, centraal in zijn pleidooi voor poëzie. En er verschijnt van hem ook een nieuwe bundel ‘Hemelsblauw’, een verdere exploratie van de relatie tussen het denken en het voelen, het weten en het zijn.

De Bezige Bij brengt van Philip Blomm ‘Het verdorven genootschap: de vergeten radicalen van de Verlichting’ uit. We mogen hopen dat het veel origineler en vernuftiger zal zijn dan zijn haastwerk ‘Encyclopédie: the Triumph of Reason in an unreasonable Age’. Toch doet de ondertitel al veel vrezen. De radicalen verwijst naar het werk van Jonathan I. Israel en zo vergeten zijn schrijvers als Diderot, d’Holbach, Rousseau, Hume nu ook weer niet. De Engelse ondertitel luidt echter: Radical Freethinkers and Friendship in Pre-revolutionary Paris. De folder spreekt van ‘levensverhalen’ die met ‘ideeën’ verbonden worden. Angstaanjagend.

Bij Meulenhoff verschijnt van John Banville ‘De onsterfelijken’, een roman over de goden en de mensen. H.C. ten Berge selecteerde een aantal gedichten van de Amerikaanse dichter Robert Hass: ‘Een verhaal over het lichaam’. Yves T’Sjoen start een kleine anthologiereeks over de naoorlogse dichters. Het eerste deel behandelt de jaren zeventig: ‘De tegenstrijdige generatie’ en brengt schrijvers als Robert Anker, Huub Beurskens, Frans Budé, Jacob Groot, Martin Reints,  … Een wel zeer eclectisch ensemble. De titel ‘Rekenkunde van de tastzin’ doet denken aan Jacques Roubaud maar is een nieuwe dichtbundel van Jan H. Mysjkin waarnaar eenieder reikhalzend uitkijkt.

Uitgeverij Terra brengt een boek over Piet Oudolf ‘Van tuin naar landschap’. De vormgeving is van Irma Boom.

De verzamelde gedichten van C. Buddingh’ worden door Nijgh & van Ditmar uitgegeven. Wie nu niet denkt aan de boer die de zon ziet, heeft nooit vreugde gekend.

De Arbeiderspers geeft van Maria Barnas haar NRC-Handelsbladcolumns uit: ‘Dit is geen horizon: observaties over kunst en werkelijkheid.’ En noemt Joke J. Hermsen ‘de vrouw die de tijdgeest grijpt’. Wat moet dan gezegd worden van Paul Lafargue?

Querido brengt vier poëziebundels. ‘Ik ben mogelijk’ van Maud Vanhauwaert; ‘Grijp de dag aan’ van Joke van Leeuwen; ‘Eiland berg gletsjer’ van Anne Vegter en van Bernlef ‘Kanttekeningen’. De folder zegt over deze laatste bundel: ‘Alle dingen hebben meer variaties en verschijningsvormen dan je denkt. Zeker de grote ‘dingen’, die hier met kriebelende omwegen van kanttekeningen worden voorzien […].’